VIVES trekt met Farmer Business+ op inspiratietour naar hoevewinkels in de Westhoek

Frank Devos
hoevewinkel.png

De hoevewinkels doen het goed dezer dagen, desondanks het coronavirus. “Tijdens de eerste drie kwartalen van 2020 werden al 121 aanvragen voor hoevewinkels gedaan, ten opzichte van 83 aanvragen in heel 2019, vermeldde het Vlaams Infocentrum Land- en Tuinbouw VILT vorige week op zijn website. Toen het coronavirus het nog toeliet en er nog geen sprake was van de tweede lockdown trokken studenten van de bachelor agro- en biotechnologie van VIVES, samen met enkele eigenaars van hoevebedrijven, doorheen de Westhoek voor een inspiratietour bij hoevebedrijven binnen het project Farmer Business+.

Farmer Business+ is een onderzoeksproject waarin Hogeschool VIVES samenwerkt met Inagro vzw en Provincie West-Vlaanderen ter ondersteuning en versterking van de Korte Keten. Er is steun voorzien van het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland en de Vlaamse Landmaatschappij.

Veel verschillende hoeve-initiatieven

Vijf zeer diverse initiatieven werden bezocht tijdens de inspiratietour. Eerst werd een bezoek gebracht aan ’t Wieltje in Sint-Jan, een hoevewinkel met een uitgebreid assortiment die twee jaar terug werd geopend. Daarna werden 4 initiatieven bezocht in en rond Poperinge. Als eerste kwam de Groenselpoorte aan bod. Groenselpoorte is een honesty shop voor groenten die ook hoevepicknicks aanbiedt. Daarna werd hoppeproducent en bezoekboerderij Belhop bezocht, gevolgd door een toelichting van de coöperatie Pocowest. Belhop biedt, naast de teelt van hop, verschillende arrangementen aan. Pocowest is een samenwerking van verschillende landbouwers in de streek die focust op pootgoed. Daarna werd de Lovie in Beveren aan de IJzer bezocht, waar onder meer speciale rassen worden geteeld. Finaal werd ook Koket bezocht, een nieuw distributieplatform voor korteketenproducten.

’t Wieltje 

In 1983 werd in Ieper een landbouwbedrijf opgericht dat vandaag door het leven gaat als ’t Wieltje. Twee jaar geleden werd het overgenomen door zoon Kristof en zijn vrouw Ann-Sophie. Zij besloten om een hoevewinkel te starten waar de klanten hun producten kunnen kopen. Er werd ook geïnvesteerd in een opslagplaats en een keuken waar ze eigen groenten bewerken. 

De Groenselpoorte

De Groenselpoorte kende meer dan 30 jaar geleden zijn oorsprong. Sinds iets meer dan 20 jaar hebben Jos en Moniek er hun honesty shop. De honesty shop is gebaseerd op eerlijkheid. Er is zelden een uitbater aanwezig. “De studenten waren vooral onder de indruk van het vertrouwen dat de landbouwers hebben in hun klanten.”, benadrukt Lies Kestelyn, projectmedewerker en docent bij Hogeschool VIVES. De winkel bestaat uit een vijftal frigo’s die opgesteld staan ter hoogte van de inrit. Deze frigo’s zijn gevuld met groenten, fruit en streekproducten. Klanten halen hun producten uit de frigo’s en kijken op het bord hoeveel ze moeten betalen. Dit kan cash of via Payconiq. Daarnaast hebben ze ook een zelfpluktuin met eetbare bloemen, speciale koolsoorten en bieten.

Pocowest en Belhop

Pocowest is een coöperatie van een vijftal telers. Binnen deze coöperatie wordt het pootgoed van de telers verwerkt en gestockeerd. 

Belhop is een hoevebedrijf dat focust op pootgoed en de kweek van hop. Het ontstond al in 1903. Naast het telen willen ze de mensen ook dichter bij de boer brengen. Ze doen dit via verschillende initiatieven. Voor volwassenen en kinderen zijn er rondleidingen die ideaal zijn als familie-uitstap. Daarnaast zijn er tijdens de vakantieperiodes verschillende kampen voor kinderen waarbij ze actief mee werken op de boerderij en zo het landbouwleven leren kennen. Een heel interessant initiatief bevestigt ook studente Jade Decalf: “Landbouwverbreding heeft volgens mij sowieso een groeiende toekomst voor zich. Het concept van Belhop past daar volledig in. Het is landbouwverbreding op de boerderij maar toch iets helemaal anders van wat ik al ooit gezien had.” Ook theaterwandelingen stonden al op het menu.

Dorpspunt van de Lovie

Het dorpspunt van de Lovie in Beveren aan de ijzer is ontstaan in 2017. Het wordt uitgebaat door personen met een verstandelijke handicap die ondersteund worden vanuit de Lovie vzw. Heel interessant is de samenwerking tussen De Lovie, de dorpsgemeenschap en de landbouwers. Student Jens Ghesquière: “Op de hoeve worden vergeten groenten geteeld door de medewerkers van de Lovie. Deze groenten zijn: pompoenen, pastinaak, crosnes, aardperen, hopscheuten en oude aardappelrassen. Deze producten worden manueel geoogst en met de grootste zorg gereinigd en verpakt onder het kwaliteitslabel ‘Fine Fleur’ en ‘Flandria’. Wassen, snijden en verpakken van de groenten gebeurt in het hoeve-atelier.” Daarnaast is er ook een ontmoetingsplek en een knooppunt voor het ontlenen van fietsen, een plek waar gecarpoold kan worden,… Naast de sociale tewerkstellingsmogelijkheden en de vele ontplooiingskansen die aan de medewerkers geboden worden is deze locatie ook een testsite, waar in samenwerking met Inagro en Hogeschool VIVES, nieuwe rassen en vruchten getest en verkocht worden. Indien succesvol kunnen deze op een later tijdstip ook op de markt gebracht worden. 

KoKet

In mei van dit jaar werd KoKet opgericht. KoKet staat voor Korte Keten en brengt verschillende lokale bedrijven samen op 1 locatie waar de klanten hun vooraf bestelde producten kunnen oppikken. Klanten gaan op een vrij moment naar de website van KoKet en krijgen daar het aanbod van alle deelnemende, lokale producenten te zien. Het gamma omvat zuivel, brood, ijs, groenten, bieren, hoevevlees, vis, koffie, ambachtelijke taarten, bloemen, wijn en nog andere lokale producten. Klanten vullen online hun winkelmandje en rekenen digitaal af. Alle producenten krijgen door welke producten werden besteld en brengen die een paar uur voor het afhaalmoment naar het afhaalpunt. De consumenten gaan iets later naar diezelfde locatie om hun box af te halen. Op die manier wint de consument heel veel tijd en moet hij niet bij alle lokale producenten op bezoek. Bij KoKet bijvoorbeeld zou het ook de bedoeling zijn dat de producenten, in niet-coronatijden, even aanwezig zijn tijdens het afhaalmoment om wat uitleg te geven over hun producten aan de consumenten die dat wensen. Het grote voordeel voor de lokale producenten is dat ze "geen verlies" hebben van producten. Ze halen letterlijk datgene van het land dat besteld werd. 

De inspiratietour leert ons dat de landbouwbedrijven heel vindingrijk en origineel zijn met het uitwerken van initiatieven. Elk leggen ze hun eigen accenten, werken ze samen waar nodig en versterken ze zo hun positie in de markt. Het gaat al langer niet alleen om producten, wel om de passie en de gedrevenheid van de producenten die de producten van het land naar ons bord brengen, besluit Lies Kestelyn van Hogeschool VIVES.

Deel dit via